Uit een ander hout gesneden

Al die hypes rondom superfoods die claimen hét middel te zijn tegen kwaal X of Y of een nieuw soort dieet wat dé manier zou zijn om gezond of slank te blijven. En je kent vast wel iemand die zweert bij een bepaald middel, terwijl het voor jou geen effect heeft gehad? Dat is waar deze blog over gaat. Wat voor de een werkt, kan voor de ander geen of juist een tegengesteld effect hebben. Maar hoe kan het dat er zoveel verschillen zijn en wat is nou wel volledig waar? De Ayurveda kan hier antwoord op geven. Deze ruim 8000 jaar oude gezondheidsleer gaat namelijk uit van het individu. Want jij bent uit een ander hout gesneden dan je buurvrouw of die hippe foodie. Ik leg je uit wat voor verschillen er zijn, hoe je ze kan onderscheiden en wat dat betekent voor jouw leefstijl of voedingskeuzes. Tot slot geef ik een overzicht van welke type voedingsmiddel voor welk archetype (on)geschikt is.

 

In de Ayurveda zijn er allerlei modellen te gebruiken om inzicht te krijgen in iemands gewenste en ongewenste gedrag en relatief meer voor de hand liggende problemen en hun aanpak. Het meest besproken is het concept van dosha’s. Dosha’s kan je zien als bepaalde krachten of elementaire samenstellingen. Voor als je nieuw bent met de Ayurveda is dit misschien wel het belangrijkste concept om eerst te begrijpen. Er zijn drie dosha’s:

  1. Vata
  2. Pitta
  3. Kapha

Elke dosha heeft zijn eigen kenmerken. Zo zijn de krachten of elementen van vata: ether en lucht, van pitta: vuur en water, en van kapha: aarde en water. Als je je deze 6 elementen voorstelt kan je daar misschien wel bepaalde kwaliteiten aan linken:
1. Ether of ruimte kennen we ook wel van ‘’de ether’’, waar bijv. radiogolven over heen gaan. Ether kan je zien als trilling, maar ook als ruimte of leegte waar deze radiogolven (en andere golven) overheen gaan. Het zintuiglijke element dat de Ayurveda hieraan verbindt is horen (denk aan het trillen van je trommelvlies) en speelt dus een belangrijke rol bij je gehoor organen, maar ook de algemene plek die jouw lichaam inneemt in het heelal. Om een kamer te vullen met meubels heb je ruimte nodig, die ruimte is ook ether. Volg je het nog?

2. Lucht of wind is een bekender element. Wind/lucht ontstaat uit ether, het is de beweging van de trillingsgolf, het is een windvlaag, het beweegt, is koud, geeft zuurstof en lucht. Het is nog steeds niet direct tastbaar zoals de elementen die hierna volgen, maar het is al een stuk concreter dan ether. In het lichaam manifesteert het zich in de beweging op celniveau, het circuleren van je bloed, de voortgang en winden in je verteringskanaal en eigenlijk alles dat beweegt.

3. Vuur is nog beter waar te nemen, of nog concreter. Het is heet, het verhit, het transformeert hout naar as, deeg naar brood, en brood in je verteringskanaal tot voor het lichaam opneembare stoffen. Vuur is transformatie, en het meest voor de hand liggende is bijvoorbeeld je spijsverteringsvuur, maar ook je ogen waar omgeving wordt omgezet tot beeldtaal die je lichaam kan interpreteren.

4. Water is het vierde element. Weer concreter, zwaarder en makkelijker tastbaar dan de voorafgaande elementen. Het is nat, maakt soepel, verkoelt en is een bron van leven (wat de vorige drie elementen nog niet direct zijn). Het houdt het vuur in bedwang en bevochtigt de aarde (het volgende element), dus logisch daartussen gepositioneerd als vierde element. Water in je lichaam zie je terug in bijvoorbeeld je blaas, of slijm, en we zijn zelfs meer water dan aarde, gezien ons lichaam voor zo’n 55-75% uit water bestaat. 

 

5. Aarde is het meest grove, tastbare en concrete element van de vijf. Het is stevig, heeft een duidelijke vorm, geeft structuur, is hard of dik en voedingsbodem voor alles dat wij leven noemen. Het is de stoel waar je de kamer mee wil opvullen, de botten die je lichaam vormgeven, of de mest die een lichaam uitscheidt dat voedingsbodem is voor nieuwe levensvormen zoals planten of bacteriën. Het is ook wat je slijm dik maakt en is daarom ook veel terug te vinden in het KNO gebied en longen.

Misschien is het je al opgevallen dat de elementen zijn opgesomd in volgorde van subtiel naar concreet en dat ze allemaal een plek hebben in je lichaam of de natuur. Iedereen heeft elk element in een bepaald percentage vertegenwoordigd in het lichaam, per orgaan en zelfs op celniveau. Dat wil zeggen dat je dus nooit volledig kapha (ofwel aarde en water) bent, maar jij bent jouw unieke samenstelling van al die elementen, die we vanaf nu gebundeld in dosha’s gaan behandelen. 

Mensen met relatief meer vata wegen weinig, zijn beweeglijk, blijven makkelijk slank, zijn vaak heel lang of kort, hebben luchtig en licht haar en huid,  zijn flexibel, behendig, impulsief, meegaand,  hebben altijd veel ideeën, zijn creatief ingesteld en hebben moeite met autoriteit in de zin dat het hun beweging(-svrijheid) belemmert. De keerzijde van vata is dat die droogte en leegte hen ook parten kan gaan spelen. Dus hebben eerder last van: schilfers, haaruitval, ondergewicht, veel lucht in de darmen (gassen), slordigheid, nalatigheid, tics of chaos in het hoofd en een gebrek aan structuur. Eigenlijk alles dat met vermindering te maken heeft of vermeerdering van lucht en beweging.

Mensen met relatief meer pitta zullen vuriger zijn in de vorm van ambitie, passie, perfectionisme, doorzettingsvermogen, rechtvaardigheidsgevoel, goede verzorging van zichzelf en anderen, vastberaden, ondernemend, intelligent en staan graag voor groepen. Een teveel of verkeerd inzetten van pitta kan leiden tot obsessies zoals people-pleasing, niet tegen verlies kunnen, narcisme, beklemmend naar dierbaren, het nooit goed genoeg vinden van zichzelf of anderen, snel ruzie hebben, kritiek of gezag niet accepteren, oftewel eigenlijk alles dat te heet wordt. Daarom is het element water ook zo belangrijk en stabiliserend om een prettige pitta te hebben: het kabbelende effect van een beekje, het verkoelende water van de berg, het blussende water van de regen.

Mensen met relatief meer kapha zijn sterk, hebben een brede botstructuur, goed ontwikkelde spieren, stevige huid, -haar en -nagels, veel lichaamshaar, grote ogen, volle lippen, goed langetermijn geheugen, lang uithoudingsvermogen, zijn geduldig, doordacht, goed gegrond, loyaal en procesgericht. Een teveel aan kapha gaat vaak gepaard met een teveel, een overschot aan iets: te lang (uit)slapen, wegen sneller teveel, hebben teveel slijm in hun keel/neus/oren en longen, eten meer dan ze nodig hebben, zullen eerder overbeharing hebben, moeilijker van de bank te krijgen, sneller ziektes gerelateerd aan overgewicht of te zoet of te vet of te stevig eten of een te langzame spijsvertering.


Eet in de winter stamppot, vooral geen komkommer!

Ooit een komkommer buiten zien groeien in de winter? 

Hoe dosha’s zich bij mensen manifesteren is nu hopelijk duidelijk. Dan kunnen we nu gaan ontdekken waarom het ene kruid, voedingsmiddel of medicijn voor de een beter werkt dan voor de ander. Een paar makkelijke voorbeelden: een ontsteking is vaak een kenmerk van een teveel aan pitta. In het Engels heet het ook wel ‘inflammation’, wat verwijst naar ‘’vuur’’. Als je iemand bent met veel ontstekingen of bijvoorbeeld brandend maagzuur, moet je jezelf vooral niet teveel omgeven of vullen met pittige, zure, of zoute dingen. Zo is gember iets dat geprezen wordt om zijn ontgiftende en reinigende werking, maar dat moet je over het algemeen niet innemen bij maagzuur. Ook je omgeving of seizoenen heeft invloed op je dosha’s. Als het in de zomer heet is - oftewel pitta verhoogd is - heb je liever een koud drankje of een salade, terwijl je in de winter liever een warme kop thee en stamppot nuttigt. Eet in de winter vooral geen komkommer, het is niet voor niets dat komkommer niet van nature groeit in de winter. Het gaat er altijd om dat je je systeem balanceert. Dus werk met tegenstellingen (mits seizoensgebonden en lokaal). Vet vraagt om droog, heet vraagt om koud, verharding vraagt om verzachting, stress vraagt om opvolgende rust, een brandplek op je hand houd je onder de kraan, als je maag leeg is vul je deze en als je vol zit stop je met eten. De letterlijke betekenis van dosha is: disbalans. En gezonde leefstijl (voeding, ritme, handelingen) is het medicijn om dit te stabiliseren. 

Nu is het voor ons vaak nog lastig om aan te wijzen wat de kern of bron van ons probleem is. We staan dan te ver weg van onze natuur om het altijd correct te hebben en gaan hopelijk ook niet voor elk klein kwaaltje naar een (huis)arts. Wil je weten welke dosha op het moment het meest dominant is in jouw lichaam kan je kijken in de omschrijving van de drie types wat op jou het meest van toepassing is, of een afspraak maken om dit te bepalen. Ik kijk zowel naar je geboorte constitutie: in welke verhouding jij van nature het meest in balans bent, en naar hoe je door omstandigheden en leefstijl er nu bij zit. Het geeft meer inzicht in hoe je diep van binnen bent volgens het concept van dosha's, maar ook welke fysieke aandachtspunten je nu hebt. Voor een eerste indruk kan je ook altijd een online test doen. Deze testen zijn niet volledig accuraat, maar kunnen je een eerste indicatie geven. Google in dat geval op prakruti test (je basis constitutie) en vikriti test (je huidige disbalans). Elk behandelplan en leefstijladvies is voornamelijk gericht om je vikriti (disbalans) te balanceren en je weer terug te krijgen naar je prakruti (je natuurlijke balans). Daarom zal je als je zelf gaat experimenteren, of hulp krijgt van mij of een andere ayurvedist eerst je vikriti moeten ontdekken en je leefstijl daar op aanpassen.

Laat die foodies en guru's voor wat ze zijn en voel wat jij nu nodig hebt. Ware kennis zit in jezelf!

Wanneer je goed in balans bent en goed en eerlijk kan voelen in jezelf dan is de kans groter dat je van nature aanvoelt wat je echt nodig hebt. En dat doen we ook hoor, alleen niet altijd. Het is de uitdaging om goed te voelen bij jezelf op dat specifieke moment wat de omgeving met jou doet. En vraag jezelf: wat heb ik nu nodig om in gezonde balans te komen? Gun jezelf dat en laat al die gezondheidsfreaks, tegensprekende onderzoeken en boeken voor wat ze zijn. Ware kennis zit in jezelf, zolang je maar goed weet waar je die moet vinden. En als dat even niet lukt, bekijk dan vooral onderstaand schema.

 

Op je gezondheid!

 

 

Daarmee zijn we aangekomen bij een lijst met voedingsmiddelen met symbolen die aangeven of het vata/pitta/kapha verhogend (+), verlagend(-) of balancerend (=) is. Voor alle voedingsmiddelen geldt de meest pure, onbewerkte, volkoren en onbespoten versie, zo lokaal mogelijk en vers gegeten in het seizoen dat het normaliter ook groeit. Ik heb gekozen voor voedingsmiddelen die in mijn keuken veelvuldig voorkomen, superfoods waar ik veel over hoor en voedingsmiddelen die op verzoek zijn aangedragen in reacties op Facebook of deze blog. Mis je iets? Laat een reactie achter en ik voeg het toe.  


Reactie schrijven

Commentaren: 2
  • #1

    Nikki (woensdag, 28 oktober 2020 12:32)

    Dank, echt een super nuttig overzicht! Zou je (verse) munt ook toe kunnen voegen? En hoe zit het met de gedroogde variant van vruchten, bv gedroogde dadels of vijgen. Is dat anders dan de verse variant?

  • #2

    Marmamama (woensdag, 30 juni 2021 09:26)

    Ha Nikki!

    Gedroogd fruit is met name goed voor mensen die (te) hoog zitten in hun vata. Klinkt gek, want we gebruiken het woord 'droog' en dat wordt met verhoogde vata geassocieerd, maar door dit droogproces is de vrucht kleiner geworden en veel compacter en geconcentreerder aan voedingsstoffen. Er passen in het geval van rozijnen meer rozijnen in de maag dan druiven, dus je geeft je lichaam meer voeding, lees: stimuleert kapha (meer).

    Verse munt/kruizemunt zoals benoemd in bovenstaande tabel is hetzelfde. Hoewel ik het zelf vaak lekkerder vind om te eten/drinken op warmere dagen omdat het verkoelend lijkt aan te voelen, maar dat is puur een persoonlijke voorkeur ;)

    Groetjes Marlise